Infoblad 112 - Bepaling van de minimale afmeting van een toiletruimte

Aan de hand van het Bouwbesluit de minimale afmeting van een toiletruimte vaststellen. Ter oplossing van dit probleem dienen vijf stappen te worden gezet, die kunnen worden onderverdeeld in twee fasen.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

Fase A. Opzoeken van de toepasselijke voorschriften (stap 1 t/m 3)

1. De relevante afdeling (van het Bouwbesluit) opzoeken
De voorschriften inzake toiletruimten zijn gegeven in afdeling 4.7 van het Bouwbesluit.

2. De relevante paragraaf (van de afdeling) selecteren
In afdeling 4.7 zijn in paragraaf 4.7.1 de voorschriften voor nieuwbouw gegeven en in paragraaf 4.7.2 de voorschriften voor bestaande bouwwerken. In beide paragrafen zijn voorschriften voor de afmetingen van toiletruimten gegeven. Derhalve zijn beide paragrafen van toepassing.

3. Aan de hand van de tabel in de paragraaf de relevante artikelen selecteren

  • 3a. nieuwbouw
    In tabel 4.34, bij artikel 4.34, kan worden afgelezen dat de voorschriften inzake afmetingen van toiletruimten zijn opgenomen in artikel 4.38.
  • 3b. bestaande bouw
    In tabel 4.40, bij artikel 4.40, kan worden afgelezen dat de voorschriften inzake afmetingen van toiletruimten zijn opgenomen in artikel 4.43.
Fase B. Toepassing van de voorschriften (stap 4 t/m 5)

4. Aan de hand van de in fase A geselecteerde artikelen de afmetingen van de toiletruimten vaststellen

  • 4a. nieuwbouw
    Volgens tabel 4.34, bij BB.artikel 4.34, zijn in artikel 4.38 lid 1, 2, 3 en 4 de voorschriften inzake afmetingen van toiletruimten gegeven; zie ook Tabel 1.
    BB.art. Afmeting toiletruimte
    4.38 lid 1 Vloeroppervlakte minimaal 0,9 m x 1,2 m
    4.38 lid 2 Vloeroppervlakte minimaal 1 m2; breedte minimaal 0,8 m
    4.38 lid 3 Vloeroppervlakte minimaal 1,65 x 2,2 m
    4.38 lid 4 Hoogte boven vloeroppervlakte zoals genoemd in artikel 4.38 lid 1 t/m 3 minimaal 2,1 m resp. 2,3 m
    Tabel 1: Verkorte weergave inhoud BB.artikel 4.38

  • 4b. bestaande bouw
    Volgens tabel 4.40, bij BB.artikel 4.40, zijn in BB.artikel 4.43 de voorschriften inzake afmetingen van toiletruimten gegeven; de verkorte weergave van artikel 4.43 luidt:
    • Vloeroppervlakte toiletruimte minimaal 0,64 m2;
    • breedte minimaal 0,6 m;
    • hoogte minimaal 2 m.

5. Aan de hand van de tabel in de paragraaf bepalen voor welke gebruiksfuncties de in stap 4 bepaalde afmetingen gelden

  • 5a. nieuwbouw
    Het in stap 4a (zie Tabel 1 hierboven) vermelde artikel 4.38 lid 1 stelt: "Een toiletruimte als bedoeld in artikel 4.35, eerste tot en met zesde lid, heeft een vloeroppervlakte van ten minste 0,9 m x 1,2 m".
    Uit dit artikel blijkt:
    • De voorschriften hebben uitsluitend betrekking op een toiletruimte die op grond van artikel 4.35 lid 1 t/m 6 wordt vereist. Dus: indien een bepaalde toiletruimte niet op basis van artikel 4.35 lid 1 t/m 6 wordt vereist, zijn de voorschriften krachtens artikel 4.38 lid 1 inzake minimale afmetingen van toiletruimten niet van toepassing.
    • De voorschriften hebben uitsluitend betrekking op de (sub-)gebruiksfuncties waarvoor artikel 4.38 lid 1 in tabel 4.34, bij artikel 4.34, van toepassing is verklaard. Dit zijn de gebruiksfuncties, genoemd in Tabel 2:
    Gebruiksfunctie
    1 Woonfunctie (geen woonfunctie van een woonwagen)
    2 Bijeenkomstfunctie
    3 Celfunctie: Alleen een celfunctie voor langdurig dag- en nachtverblijf
    4 Gezondheidszorgfunctie
    5 Industriefunctie (geen lichte industriefunctie)
    6 Kantoorfunctie
    7 Logiesfunctie
    8 Onderwijsfunctie
    9 Sportfunctie
    10 Winkelfunctie
    Tabel 2: Gebruiksfuncties waarvoor eisen inzake vloerafmetingen van toiletruimten gelden. Het in stap 4a (zie Tabel 1 hierboven) vermelde artikel 4.38 lid 2 stelt: "Een toiletruimte als bedoeld in artikel 4.35, eerste lid, heeft een vloeroppervlakte van ten minste 1 m2. De breedte van die vloeroppervlakte is ten minste 0,8 m."
    Uit dit artikel blijkt:
    • De voorschriften hebben uitsluitend betrekking op een toiletruimte die op grond van artikel 4.35 lid 1 wordt vereist. Indien een bepaalde toiletruimte niet op basis van artikel 4.35 lid 1 wordt vereist zijn de voorschriften inzake minimale afmetingen van toiletruimten niet van toepassing, en:
    • De voorschriften hebben uitsluitend betrekking op de (sub-)gebruiksfuncties waarvoor artikel 4.38 lid 2 in tabel 4.34, bij artikel 4.34, van toepassing is verklaard. Dit betreft uitsluitend de woonfunctie van een woonwagen.
    Het in stap 4a (zie Tabel 1 hierboven) vermelde artikel 4.38 lid 3 stelt: "Een integraal toegankelijke toiletruimte heeft een vloeroppervlakte van ten minste 1,65 x 2,2 m."
    Uit dit artikel blijkt:
    • De voorschriften hebben betrekking op iedere integraal toegankelijke toiletruimte die in een gebouw voorkomt, en:
    • De voorschriften hebben uitsluitend betrekking op de (sub-)gebruiksfuncties waarvoor artikel 4.38 lid 3 in tabel 4.34, bij artikel 4.34, van toepassing is verklaard. Dit zijn de gebruiksfuncties, opgesomd in Tabel 3.
    Gebruiksfunctie
    1 Woonfunctie (geen woonfunctie van een woonwagen)
    2 Bijeenkomstfunctie.
    3 Celfunctie: alleen een celfunctie voor langdurig dag- en nachtverblijf
    4 Gezondheidszorgfunctie
    5 Industriefunctie (geen lichte industriefunctie)
    6 Kantoorfunctie
    7 Logiesfunctie
    8 Onderwijsfunctie
    9 Sportfunctie
    10 Winkelfunctie
    Tabel 3: Gebruiksfuncties waarvoor eisen inzake afmetingen van integrale toiletruimten gelden.Het in stap 4a (zie Tabel 1 hierboven) vermelde artikel 4.38 lid 4 stelt: "Een vloeroppervlakte als bedoeld in het eerste tot en met derde lid, heeft een hoogte boven de vloer van ten minste de grenswaarde als aangegeven in tabel 4.34."
    Uit dit artikel blijkt:
    • De voorschriften hebben uitsluitend betrekking op een toiletruimte waarvoor de eisen in artikel 4.38 lid 1, 2 en/of 3 van toepassing zijn. Indien een van de genoemde artikelleden niet op een toiletruimte van toepassing is, is ook artikel 4.38 lid 4 niet op deze toiletruimte van toepassing.
    • De voorschriften hebben uitsluitend betrekking op de (sub-)gebruiksfuncties waarvoor artikel 4.38 lid 4 in tabel 4.34, bij artikel 4.34, van toepassing is verklaard. Dit zijn de gebruiksfuncties, opgesomd in Tabel 4.
    Gebruiksfunctie Hoogte (m)
    1 Woonfunctie van een woonwagen 2,1
    Andere woonfunctie 2,3
    2 Bijeenkomstfunctie 2,3
    3 Celfunctie: alleen een celfunctie voor langdurig dag- en nachtverblijf 2,3
    4 Gezondheidszorgfunctie 2,3
    5 Industriefunctie (geen lichte industriefunctie) 2,3
    6 Kantoorfunctie 2,3

    7 Logiesfunctie met een gebruiksoppervlakte van niet meer dan 400 m2, niet gelegen in een logiesgebouw

    7a Logiesfunctie (overig)

    2,1

    2,3

    8 Onderwijsfunctie 2,3
    9 Sportfunctie 2,3
    10 Winkelfunctie 2,1
    Tabel 4: Gebruiksfuncties waarvoor eisen inzake de hoogte van toiletruimten gelden.
  • 5b. bestaande bouw
    Het in stap 4b genoemde artikel 4.43 luidt: "Een toiletruimte als bedoeld in artikel 4.41, eerste tot en met derde lid, heeft een vloeroppervlakte van ten minste 0,64 m2. De breedte van die vloeroppervlakte is ten minste 0,6 m en de hoogte daarboven is ten minste 2 m."
    Uit dit artikel blijkt het volgende:
    • De voorschriften hebben uitsluitend betrekking op een toiletruimte die op grond van artikel 4.41 lid 1 t/m 3 wordt vereist. Indien een bepaalde toiletruimte niet op basis van artikel 4.41 lid 1 t/m 3 wordt vereist, zijn de voorschriften inzake minimale afmetingen van toiletruimten niet van toepassing.
    • De voorschriften hebben uitsluitend betrekking op de (sub-)gebruiksfuncties waarvoor artikel 4.43 in tabel 4.40, bij artikel 4.40, van toepassing is verklaard. Dit zijn de gebruiksfuncties, opgesomd in Tabel 5.
    Gebruiksfunctie
    1 Woonfunctie
    2 Bijeenkomstfunctie
    3 Celfunctie
    4 Gezondheidszorgfunctie
    5 Industriefunctie (geen lichte constructie)
    6 Kantoorfunctie
    7 Logiesfunctie
    8 Onderwijsfunctie
    9 Sportfunctie
    10 Winkelfunctie
    Tabel 5: Bestaande gebruiksfuncties waarvoor eisen inzake toiletruimten gelden.

ACHTERGROND

Het Bouwbesluit stelt eisen aan de afmetingen van toiletruimten. Deze eisen zijn afhankelijk van de gebruiksfunctie waarin deze toiletruimte zich bevindt en het criterium of de toiletruimte al dan niet een integraal toegankelijke toiletruimte is (d.w.z. mede bestemd voor rolstoelgebruikers). Verder is het van belang te weten of de toiletruimte door het Bouwbesluit wordt vereist, of dat het een extra toiletruimte betreft. Ontwerpers en toetsende instanties moeten aan de hand van tabel 4.34 (behorend bij BB-artikel 4.34), tabel 4.40 (behorend bij BB-artikel 4.40), BB-artikel 4.38 en BB-artikel 4.43 nagaan aan welke eisen inzake afmetingen een toiletruimte dient te voldoen.

AANDACHTPUNTEN

De maximale gebruiksoppervlakte die op een toiletruimte mag zijn aangewezen hangt af van de gebruiksfunctie en de bezettingsgraadklasse. In tabel 4.34 kan bijvoorbeeld voor de celfunctie worden afgelezen dat ter bepaling van het aantal toiletruimten bij iedere bezettingsgraadklasse de gebruiksoppervlakte moet worden aangehouden die gegeven is bij bezettingsgraadklasse B4. Zie ook het Infoblad Bepaling van het vereiste aantal toiletruimten in een gebouw.

OVERIGE INFORMATIE

SBR, prettig kennis te maken.