Infoblad 346 - Eisen aan toegestaan aantal personen in bijeenkomstfunctie

Aan de hand van Bouwbesluit 2003 bepalen welke voorschriften gelden voor het maximaal toegestane aantal personen in een bijeenkomstfunctie.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

Algemeen

In beginsel bepaalt de doorgangsbreedte van de vluchtroutes hoeveel mensen binnen een bepaalde tijd het rookcompartiment kunnen verlaten. Vaak is de vrije doorgang ter plaatse van de deuren maatgevend, maar voor de bepaling van het toelaatbaar aantal personen zijn bijvoorbeeld ook de draairichting van deuren en de mate van opvang- en doorstroomcapaciteit van belang.
Bij de beoordeling van het veilig vluchten wordt in de praktijk vaak uitsluitend gekeken naar het aantal personen per m1 deurbreedte. Er wordt dan uitgegaan van bijvoorbeeld 90 of 135 personen per m1. Het zonder meer toepassen van deze aantallen in de beoordeling van een bepaald project is te kortzichtig.

Van belang is onderscheid te maken in:

  • brandveiligheidseisen van Bouwbesluit 2003;
  • brandveilig gebruik in verband met de aanvraag voor een gebruiksvergunning.

Voordat het aantal personen kan worden bepaald moet het volgende worden onderkend:

  • Een aantal van 135 personen per m1 deurbreedte is niet strijdig met Bouwbesluit 2003, maar bij een aanvraag voor een gebruiksvergunning worden meer aspecten beoordeeld.
  • Bij het hanteren van de rekenwaarde van omgerekend 90 personen per m1 deurbreedte past het bouwwerk in elk geval binnen de bandbreedte van hetgeen met de desbetreffende eisen van Bouwbesluit 2003 is beoogd.
  • Bij een groot aantal personen per m1 deurbreedte (bijvoorbeeld tussen 90 en 135 m1) kan de gemeente op basis van een integrale afweging van de brandveiligheid aanleiding zien om voorwaarden aan de gebruiksvergunning te verbinden. Bij deze afweging kunnen gunstige en ongunstige factoren meespelen bij het uiteindelijke aantal toe te laten personen:
    • Een vroegtijdige ontdekking van de brand (door bijvoorbeeld een brandmeldinstallatie) kan ervoor zorgen dat personen na het ontstaan van de brand sneller een rookcompartiment kunnen verlaten en daarom gedurende kortere tijd door de rook hoeven te vluchten.
    • Een hoge ruimte in een gebouw of een rook- en warmteafvoerinstallatie kan ervoor zorgen dat er een langere rookvrije periode aanwezig is, zodat personen langer in een rookcompartiment kunnen verblijven en zodoende meer tijd hebben om het gebouw te verlaten.
    • Ongunstige factoren zijn bijvoorbeeld: de aanwezigheid van minder zelfredzame personen of de onoverzichtelijkheid van een ruimte.
  • Afhankelijk van een concrete situatie kunnen meer dan 135 personen worden toegestaan dan waar de prestatie-eisen in het Bouwbesluit 2003 vanuit gaan. De aanvrager van de gebruiksvergunning moet dan wel motiveren waarom een groter aantal personen veilig in het gebouw kan verblijven, bijvoorbeeld door middel van een berekening.

Rekenvoorbeeld
Onderstaand voorbeeld geeft aan op welke wijze het genoemde aantal personen (90 en 135) uit de voorschriften van Bouwbesluit 2003 zijn te herleiden.

Het getal van 135 personen per meter deurbreedte is te herleiden uit de nieuwbouwvoorschriften van het Bouwbesluit 2003. Dit is te zien aan de hand van het onderstaande voorbeeld, hierbij wordt uitgegaan van een hal met een rookcompartiment van 600 m2 en bezettingsgraadklasse B2.

  • Volgens artikel 2.148, derde lid, moet de breedte van de totale vrije doorgang van de toegangen van het rookcompartiment van de hal ten minste gelijk zijn aan het op die toegangen aangewezen gebruiksoppervlak, vermenigvuldigd met 3,7 (bij bezettingsgraadklasse B2). Bij een vloeroppervlakte van 600 m2 moet de breedte van de totale vrije doorgang minimaal 600 x 3,7 = 2220 mm (=2,22 m) te zijn.
  • Volgens tabel 1 van Bouwbesluit 2003 is er bij bezettingsgraadklasse B2 tussen de 2 en 5 m2 gebruiksoppervlak per persoon beschikbaar. Uitgaande van de ‘bovengrens’ is het maximum toegestane aantal aanwezige personen op het gebruiksoppervlak van de hal 600 / 2 = 300 personen (let op: exact 300 personen is eigenlijk niet toegestaan omdat er meer dan 2 m2 per persoon beschikbaar moet zijn).
  • Door het maximum aantal personen dat op het gebruiksoppervlak aanwezig mag zijn, te delen door de minimaal vereiste totale doorgangsbreedte, komt men uit op het aantal personen dat op een meter deurbreedte is aangewezen. In dit voorbeeld is dat 300 / 2,22 = 135 personen.
  • Er kunnen maximale waarden voorkomen tot 135 per m1 deurbreedte, zonder dat dit strijd oplevert met de voorschriften uit het Bouwbesluit 2003. De vraag kan echter worden gesteld in hoeveel gevallen deze waarde zal worden gehanteerd. Uitgaande van een gangbare deurmaat (dagmaat) van 85 cm zou de hal uit het voorbeeld kunnen beschikken over drie deuren. De totale doorgangsbreedte is dan 0,85 x 3 = 2,55 m. In dat geval zijn er niet 135 maar 300 / 2,55= 118 personen daadwerkelijk op een meter deurbreedte aangewezen. Daarnaast is het ook nog maar de vraag of de gebruiker van de hal het gebouw ook door 300 personen wil laten gebruiken. Indien deze namelijk een gebruiksvergunning voor slechts 250 personen aanvraagt, geldt uiteindelijk dat aangevraagde maximum.

    Het getal van 90 personen per meter deurbreedte is afkomstig uit de oorspronkelijke Modelbouwverordening. Tot de invoering van het Bouwbesluit 2003 werd deze vuistregel gebruikt voor de bepaling van het maximum op een deur toe te laten aantal personen. Deze waarde is nu terug te vinden in de rekenwaarden van de bezettingsgraadklassen.

    m2 gebruiksoppervlakte per persoon m2 verblijfsgebied of -ruimte per persoon
    Klasse Ondergrens Rekenwaarde Bovengrens Ondergrens Rekenwaarde Bovengrens
    B1 0,8 1,2 = 2 0,5 0,8 = 1,3
    B2 2 3 = 5 1,3 2 = 3,3
    B3 5 7,5 = 12 3,3 5 = 8
    B4 12 18 = 30 8 12 = 20
    B5 30 45 n.v.t. 20 30 n.v.t.

    Indien er voor de personenberekening gebruik wordt gemaakt van de rekenwaarde van de bezettingsgraadklasse in plaats van de bovengrens, zal men bij de minimaal vereiste toegangsbreedte uitkomen op 90 personen per meter deurbreedte.

    De rekenwaarden hebben voornamelijk een ondersteunende functie voor de ontwerppraktijk. Door in de ontwerpfase gebruik te maken van de rekenwaarde zal het bouwwerk in ieder geval binnen de bandbreedte vallen van hetgeen met de betreffende eisen van het Bouwbesluit 2003 is beoogd en is er in de gebruiksfase enige marge aanwezig.

    ACHTERGRONDINFORMATIE

    Bij de inwerkingtreding van Bouwbesluit 2003 op 1 januari 2003 zijn de brandveiligheidseisen gekoppeld aan de bezettingsgraadklasse. Bouwbesluit 2003 geeft geen absolute waarde voor het maximaal tot een gebouw toe te laten aantal personen, maar gaat bij het stellen van verschillende prestatie-eisen uit van een bandbreedte voor het gebruik: de bezettingsgraadklasse. Dit heeft bij de toepassing van het Bouwbesluit in de praktijk tot onduidelijkheid geleid, met name bij bijeenkomstfuncties, zoals in de horeca.

    AANDACHTSPUNTEN

    • Bij de aanvraag voor een gebruiksvergunning is veelal sprake van bestaande situaties. Dan bestaat er enige afstand tussen het minimum- en maximumniveau en kan niet in het algemeen worden vastgesteld welke eisen er in elke concrete situatie van toepassing zijn. De brandveiligheid van het betreffende pand moet daarom steeds integraal worden beoordeeld, op grond van de situatie binnen en buiten het pand, de aanwezige voorzieningen en het gebruik.
    • Voor bestaande gebouwen stelt het Bouwbesluit 2003 in principe lagere eisen dan voor nieuwbouw. Op het niveau van bestaande bouw is echter niet elk gebruik zonder meer toegestaan.
    • Ook voor het brandveilig gebruik van bestaande gebouwen geldt het nieuwbouw-niveau als maximale referentie. Dat wil echter niet zeggen dat de nieuwbouwvoorschriften voor bestaande bouw zonder meer als eis kan worden opgelegd.
    • In de praktijk is er voor bestaande bouw sprake van een minimumniveau waaraan elke gebruiksfunctie ten minste moet voldoen en een maximumniveau dat op grond van de regelgeving geëist kan worden. Het minimumniveau wordt in het algemeen gevormd door de eisen voor bestaande bouw uit Bouwbesluit 2003; het maximumniveau door de eisen voor nieuwbouw.

    OVERIGE INFORMATIE

    SBR, prettig kennis te maken.