Het zodanig geïntegreerd ontwerpen van een gebouw met bijbehorende gebalanceerde ventilatie (met warmteterugwinning) dat rekening wordt gehouden met het verlangde comfort. (Notabene: comfortklachten kunnen ook ontstaan na verkeerd inregelen of verkeerd gebruik. Zie daarvoor het Informatieblad Het inregelen van een gebalanceerd ventilatiesysteem.
Om comfortproblemen zoveel mogelijk te voorkomen dient (volgens de NPR 1088;1999) de ventilatievoorziening voor de luchttoevoer in de gevel ten minste 1,80 m boven de aangrenzende vloer te zijn aangebracht, waarbij de uitstroomsnelheid van de lucht ten minste 1 m/s moet bedragen.
Voor andere situeringen moet aan de hand van hoofdstuk 7 van NEN 1087; 1997 worden nagegaan of aan de gestelde prestatie-eisen is voldaan.
Toevoer vanuit de binnenwand, hoog boven de vloer.
Woningen worden steeds vaker uitgevoerd met een gebalanceerd ventilatiesysteem met warmteterugwinning. Veel comfortklachten zijn al in het ontwerpstadium te voorkomen.