Infoblad 352 - Mag badkamer bereikbaar zijn vanuit verblijfsruimte?

Mag badkamer bereikbaar zijn vanuit verblijfsruimte?

OPLOSSINGSRICHTINGEN


Om dit probleem op te lossen moeten vijf stappen worden gezet, die weer zijn onder te verdelen in twee fasen.

Fase A. Opzoeken van de toepasselijke voorschriften (stap 1 t/m 4)
1. Bepaal de relevante afdeling van het Bouwbesluit
2. Bepaal de relevante paragrafen
3. Bepaal de relevante gebruiksfunctie
4. Bepaal met de tabel in de afdelingen de relevante voorschriften

Fase B. Toepassing van de voorschriften (stap 5)
5. Uitleg van de voorschriften

Fase A. Opzoeken van de toepasselijke voorschriften (stap 1 t/m 4)

1. Bepaal de relevante afdeling van het Bouwbesluit
De voorschriften voor badruimten staan in afdeling 4.8 ‘Badruimte’ van Bouwbesluit 2003.

2. Bepaal de relevante paragrafen
Afdeling 4.8 ‘Badruimte’ bevat paragraaf 4.8.1 en paragraaf 4.8.2. Paragraaf 4.8.1 bevat de eisen voor nieuwbouw, paragraaf 4.8.2 bevat de eisen voor bestaande bouw. In het vervolg wordt alleen ingegaan op de nieuwbouweisen.

3. Bepaal de relevante gebruiksfunctie
Uitgegaan wordt van een eengezinswoning. Een eengezinswoning wordt in tabel 4.45 aangeduid als: ‘andere woonfunctie’.

4. Bepaal met de tabel in de afdelingen de relevante voorschriften
Tabel 4.45 van afdeling 4.8 ‘Badruimte’ bevat de artikelen 4.46 t/m 4.50. In artikel 4.48 zijn de voorschriften voor de ‘bereikbaarheid’ gegeven. Voor een ‘woonfunctie’ geldt artikel 4.48, eerste lid. Dit artikel luidt als volgt:

Artikel 4.48, eerste lid
Een badruimte als bedoeld in artikel 4.46, is vanaf de toegang van de woonfunctie bereikbaar via besloten niet-gemeenschappelijke ruimten van die woonfunctie.

Fase B. Toepassing van de voorschriften (stap 5)

5. Uitleg van de voorschriften
Artikel 4.48, eerste lid, waarborgt dat een voorgeschreven badruimte binnen de woning bereikbaar is, zodat bewoners op weg daarheen niet zijn blootgesteld aan weer en wind. Dit betekent dat de niet-gemeenschappelijke badruimte binnen de woning ligt.
De ruimten binnen een eengezinswoning zijn per definitie niet-gemeenschappelijk, aangezien deze ruimten niet voor meerdere gebruiksfuncties (lees: andere woningen), maar voor slechts één woning zijn bestemd.
Een niet-gemeenschappelijke ruimte binnen een woonfunctie kan een verkeersruimte zijn, maar ook een verblijfsruimte. Het is dus toegestaan dat een badruimte in een woning rechtstreeks vanuit een verblijfsruimte bereikbaar is. Het is daarbij niet verplicht om ook een toegang tussen de verkeersruimte en de badkamer te realiseren.

ACHTERGROND

Een woning moet minimaal één badruimte hebben. Meestal bevindt zich een badkamer op de eerste verdieping en is deze bereikbaar vanuit een overloop. Er komen echter ook ontwerpen voor waarin een woning meerdere badruimten heeft. Daarbij worden woningen ontworpen waarbij de badruimte rechtstreeks vanuit de slaapkamer bereikbaar is. In dit informatieblad wordt ingegaan op de vraag of een badruimte rechtstreeks vanuit een verblijfsruimte bereikbaar mag zijn, of dat dit altijd via een overloop moet.

AANDACHTSPUNTEN

Er komen woningontwerpen voor waarin tussen een badkamer en een verblijfsruimte geen deur aanwezig is. Dit is echter alleen toegestaan als het gaat om een extra (dus niet-verplichte) badruimte. Gaat het om een verplichte badruimte dan is dit niet toegestaan volgens het Bouwbesluit. Volgens artikel 4.50 moet een verplichte badruimte afsluitbaar zijn. Dit betekent dat een badkamer moet zijn voorzien van een deur.
De helpdesk van het ministerie van VROM heeft op de probleemstelling het volgende antwoord gegeven, dat inhoudelijk overeenkomt met het gestelde in dit informatieblad.

Vraag:
Mag een badkamer bereikbaar zijn vanuit een verblijfsruimte?

Antwoord:
Ja, dat is toegestaan. De nieuwbouwvoorschriften met betrekking tot de bereikbaarheid van een badruimte staan in artikel 4.48 van het Bouwbesluit.

OVERIGE INFORMATIE

SBR, prettig kennis te maken.