Het op de juiste manier toepassen en verwerken van gipsplaatsystemen om scheurvorming zoveel mogelijk te voorkomen.
De verwerkingsvoorschriften voor gipsplaatsystemen hebben betrekking op de volgende vier punten:
1. Klimatologische omstandigheden op de werkvloer
Door natte werkzaamheden – zoals het aanbrengen van een dekvloer – stijgt de relatieve vochtigheid van de lucht in een ruimte. Deze werkzaamheden worden dan ook bij voorkeur uitgevoerd vóór het monteren van de wanden en de plafonds. Na het uitvoeren van natte werkzaamheden moet de ruimte daarom altijd eerst voldoende worden geventileerd.
Voor het verwerken van gipsplaatsystemen op de bouwplaats gelden de volgende voorschriften:
2. Materiaal en opslag
Een onzorgvuldige opslag en het intrekken van vocht leiden beide tot vervormingen (zoals kromtrekken of blijvende doorbuiging) van de platen. Een strak eindresultaat wordt daardoor moeilijk bereikbaar. De volgende voorschriften moeten daarom worden nageleefd:
3. Montage
Voor de montage van gipsplaatsystemen op de bouwplaats gelden de volgende voorschriften:
4. Voegafwerking
De te kiezen afwerking van de voeg hangt af van het type kantafwerking van de platen. Onderscheiden worden afgeschuinde langskanten, kopse kanten en overige kanten.
Afgeschuinde langskanten
Voor zowel gipskartonplaten als gipsvezelplaten worden platen met afgeschuinde kanten het meest gebruikt. Als wapening voor de naden zijn drie verschillende wapeningsbanden verkrijgbaar. In volgorde van sterkte zijn dat:
Kopse kanten
De voegafwerking van kopse kanten is bij gipskartonplaten anders dan bij gipsvezelplaten.
Overige kanten
Alle overige typen plaatkanten moeten worden afgewerkt volgens de voorschriften van de fabrikant. Denk daarbij aan gezaagde of gesneden rechte kanten, gezaagde of gesneden facetkanten, halfronde afgeschuinde kanten (hrak) en halfronde kanten (hrk).
In de bouw bestaan de meeste gipsplaatsystemen uit gipskartonplaten of gipsvezelplaten die worden geschroefd op dunwandige metalen profielen. Dergelijke systemen worden tegenwoordig zeer veel toegepast in de afwerking van gebouwen, bijvoorbeeld voor binnenwanden en voor plafonds. Om fouten bij de montage en eventuele scheurvorming te voorkomen zijn voor het monteren van gipsplaatsystemen verwerkingsvoorschriften opgesteld. Deze betreffen de klimatologische omstandigheden, materiaal, opslag, montage en voegafwerking.
Het is aan te bevelen om gipsplaatsystemen uitsluitend te verwerken wanneer aan de volgende randvoorwaarden is voldaan:
Voor de planning van het werk is het van belang om de keuze van de technische installaties en van de verlichtingsarmaturen vooraf af te stemmen op het gipsplaatsysteem. Hierdoor zijn eventuele hulpconstructies tijdig aan te brengen.